andere dingen

Nobody tells people who are beginners — and I really wish someone had told this to me – that all of us who do creative work, we get into it because we have good taste. But there is this gap. For the first couple years you’re making stuff, it’s just not that great. It’s trying to be good, it has potential to be good, but it’s not. But your taste, the thing that got you into the game, that’s still killer. And your taste is why your work disappoints you. A lot of people never get past this phase. They quit. Most people I know who do interesting, creative work went through years of this. We know our work doesn’t have this special thing that we want it to have. We all go through this. And if you are just starting out or you are still in this phase, you gotta know it’s normal and the most important thing you can do, is do a lot of work. Put yourself on a deadline so that every week you will finish one story. It is only by going through a volume of work that you will close that gap, and your work will be as good as your ambitions.

Ira Glass

Quote
mijn boeken

Eerste versie

Een paar weken geleden, op een woensdagmiddag, zat ik te schrijven bij de HEMA. Ik had een tafeltje aan het raam. Het voornemen was om mijn nieuwe roman die dag met minstens 1500 woorden te laten groeien, maar het ging moeizaam. Slechte metaforen, slechte zinnen, gelul in de leegte. Toch wilde ik doorschrijven, doorschrijven, niet achterom kijken. Kwantiteit nu, kwaliteit later.

Toen zag ik dat een man aan de andere kant van het raam een foto nam. Van mij, mijn scherm, van dat hoekje van de HEMA. Dat vond ik eerst niet erg, hoogstens raar. Maar daarna dacht ik: nu kan hij inzoomen en lezen wat ik geschreven heb.

Ik voel me erg zelfbewust over eerste versies. Dat geldt voor bijna alles wat ik schrijf, maar misschien met deze roman nog wel meer. De eerste versie is niet voor andere ogen bedoeld. Het zijn mijn gedachten, nog niet mijn woorden. Het zijn open zenuwen, die later pas onderdeel worden van een organisme, iets dat lééft en naar buiten mag. Maar nu nog niet. Lees verder

Standard
mijn boeken

Vier ballen

Op de dag dat het Nederlandloze EK begint, recenseert NRC mijn boek We vergaten te voetballen. Een opsteker: hij krijgt 4 uit 5 ballen. Guus Middag schrijft:

Uit alle stukjes blijkt dat Zantingh een groot liefhebber is – van voetbal, van taal, en van gedegen onderzoek. (…) Ja, er zijn 24 landen die wél meedoen aan het EK. Maar wíj hebben een geestig boek over voetbal en taal.

Dus dat is mooi. De hele recensie kun je hier lezen.

Oh, en iets anders: kijk deze heerlijke feelgood-film over het gemiste EK, gemaakt door de jongens van Blik (en zoek me tussen de figuranten).

Aside
film en televisie

George: Well, you got no place to go. I’ll tell you what your problem is, you brought your queen out too fast. What do you think? She’s one of these feminists looking to get out of the house? No, the queen is old fashioned. Likes to stay home. Cook. Take care of her man. Make sure he feels good.
Liz: Checkmate.
George: I don’t think we should see each other any more.

Seinfeld – The Engagement

Quote
film en televisie

Her (2)

In de bus tussen Tanah Rata – in de Cameron Highlands – en het eiland Penang werd ik misselijk. Het was onze tweede reis binnen Maleisië, na drie dagen eerder van Kuala Lumpur naar Tanah Rata te zijn gereden. De bussen zijn luxe daar. De brede stoelen kunnen ver naar achteren, zodat je er beter in kunt slapen dan in een vliegtuig die je naar de andere kant van de wereld brengt. Ik was aanvankelijk gaan lezen in de thriller van Stieg Larsson waar ik in bezig was, op mijn iPad mini, maar dat beviel me niet, dus ik deed het ding weer in mijn tas. Mijn vriendin was al hard bezig in slaap te vallen.

De zijkant van de weg raasde langs ons heen. Bomen, vangrails, stukken snelweg, kleine huisjes, benzinestations, ander verkeer, tolwegen. Ik probeerde in slaap te komen door naar het luisterboek Story te luisteren, van Robert McKee, over hoe je een script (of een toneelspel, of een roman) zou moeten opbouwen. Wat een verhaal in essentie is, eigenlijk. McKee zegt: iemand die zich aan het begin slecht voelt en zich dan geleidelijk beter gaat voelen, dat is geen verhaal. Dat is een dagdroom. In een verháál wordt iemand geconfronteerd met iets wat hem of haar uit balans brengt, iets wat hem doet realiseren – misschien zelfs onbewust, zodat de lezer of kijker het beter weet dan de protagonist – iets te wíllen. En dat hij actie moet ondernemen om dat voor elkaar te krijgen. Dat hij demonen in de ogen moet kijken. Dat hij, kortweg, onomkeerbaar moet veranderen om datgene de krijgen wat hij wil. Misschien een ding (een ring die bij machte is hele werelden te sturen), misschien een persoon (zijn grote liefde), misschien iets in zichzelf (gemoedsrust, vrijheid, het einde van een rouwperiode).

McKee leest het audioboek zelf voor, en hij zegt onder meer dat een zekere scène in Kramer vs Kramer (1979) alles heeft waar een scène, en een verhaal in het algemeen, aan zou moeten voldoen. Degene met wie het publiek meeleeft moet op drie niveaus, als het even kan tegelijkertijd, zijn strijd voeren. Hij moet dat doen op interpersoonlijk niveau (dus met iemand anders of met meerdere anderen), met zichzelf (door de strijd aan te gaan met zijn onvolkomenheden) en ten slotte met de dingen. Door bijvoorbeeld, in die bewuste scène in de film, te worstelen met allerhande keukenapparatuur omdat hij nooit in de keuken stond voordat zijn vrouw vertrok en hem alleen met zijn zoontje achterliet. Kramer moet zijn zoontje bewijzen dat ze het met z’n tweeën kunnen rooien, dat hij als vader een goede vervanging kan zijn voor zijn moeder, maar dat betekent dat hij dingen moet doen die hij nog nooit eerder heeft gedaan. Zoals french toast maken, terwijl dat jongetje er geen vertrouwen in heeft, zegt dat ‘mama het heel anders doet’ en meer en meer overstuur raakt als hij moet toezien hoe het langzaam in het honderd loopt.

Hoe dan ook. Ik luisterde naar het audioboek, ook al wilde ik op dat moment niet echt bezig zijn met schrijven. Ik wilde in een vertelstem wegdommelen, want we hadden die nacht slecht geslapen omdat de bedden in Tanah Rata dun en oncomfortabel waren en er buiten zwerfhonden jankten en ons guesthouse zo gehorig was dat we de ziek geworden vrouw in de kamer ernaast niet alleen konden horen overgeven, maar ook het zware ademen erna nog konden herkennen. Ik wilde in slaap vallen en tientallen of honderden kilometers verderop wakker worden, en me dan beter voelen. Lees verder

Standard
film en televisie

Rob: You could have a costume drama here, couldn’t you?
Steve: I would just love to do a costume drama in these hills, leaping, vaulting over dry stone walls with a scabbard, with that dead look in my eyes, ‘cause I’ve seen so many horrors that I’m sort of immune to them, and they always say something like, “Gentlemen, to bed! For we leave at first light. Tomorrow we battle, and we may lose our lives. But remember: death is but a moment. Cowardice is a lifetime of affliction.”
Rob: Nice.
Steve: To bed, for we rise at daybreak!
Rob: Very good. Very impressive.
Steve: But they always leave at daybreak. They never leave at, you know, nine-thirty. “Gentlemen to bed, for we leave at nine-thirty!”
Rob: Ish.
Steve: Ish. “Gentlemen to bed, for we rise at… What time is the battle? About, oh, twelve o’clock? Twelve o’clock. How is it on horseback, about three hours? So we leave about eight, eight-thirty?”
Rob: Eight-thirty for nine.
Steve: “Gentlemen, to bed! For we leave at eight-thirty for nine. And we rise at just after day- seven-thirty, so just after daybreak. Gentlemen to bed, for we leave at nine-thirty on the dot. On the dot.”

Steve Coogan en Rob Brydon, The Trip

Quote